
De gewone zeehond is gek op Wieringen
Er zijn 2 soorten zeehonden op onze Waddenzee. De grijze en de gewone. De laatste (en ook de leukste) vind je dichtbij het eiland Wieringen. Bij laag water verzamelen ze op verschillende zandbanken en dan zijn tot aan de eerste vloed goed zichtbaar. In juni en juli worden de jongen geboren en dan moeten we heel voorzichtig zijn.

Hoort meer dan je denkt!
De gewone zeehond heeft kleine gehooropeningen (die sluit ie bij het duiken). Vooral onder water kunnen ze goed horen. Dan komt het geluid via de schedel bij zijn oren. Zo kan hij vrij goed bepalen waar een geluid vandaan komt. Hij hoort zelfs meer dan wij. Ons gehoor gaat tot 20.000 Hz. De zeehond lacht daarom: hij kan zelfs hoge tonen van 70.000 Hz nog horen.

Hij is nogal bijziend
De gewone zeehond heeft grote ogen met bolle lenzen. Dat is handig voor onder water want zo vangt veel licht op. Zijn ogen lijken een beetje op de onze. Ook hij heeft een pupil, lens en een netvlies. Maar hij is wel kleurenblind. Zijn ogen zijn meer ingesteld om scherp te kijken tijdens het duiken. Boven water is hij zo bijziend als wat. Daarom kunnen ze gauw schrikken als je niet oppast.

Vissen met je snor
Als de zeehond diep duikt, is er nog maar weinig licht. Dan vertrouwt hij helemaal op z’n snorharen. Iedere snorhaar is drukgevoelig. Als er een vis in de buurt zwemt, maakt deze met z’n staart kleine drukgolven in het water. De snorharen registeren dat en zo kan de zeehond: richting en afstand bepalen tot die vis. En dan is het HAP, hebbus!

Slaapt onder en boven
Met laag water liggen ze lekker te dutten op een zandbank. Liefst in de zon want die zorgt ervoor dat ze ook voldoende vitamine D krijgen (belangrijk voor zijn vacht). Maar hij kan onder water slapen. Rechtop zwevend in het water. Of zelfs op de bodem. Maar ja, dan moet ie wel om de 5 minuten naar boven om lucht te happen.

Znelle Zwemmers
Als er een vis in de buurt zit dan moet je ‘m natuurlijk niet missen. In zo’n geval geeft de zeehond vol gas. De zwemvinnen bij zijn staart gaan dan heel snel op en neer. En dankzij de prachtige aërodynamische vorm van zijn lichaam kan hij zo wel 35 Km/u halen. Niet lang, maar lang genoeg om z’n prooi te grijpen.

Hij lust wel ’n visje!
Een volwassen zeehond is pas voldaan als hij (of zij) een maaltje van ongeveer 5 kg vis naar binnen heeft gewerkt. Bot en wijting zijn lievelingsgerechten. De jongen eten vooral kreeftachtigen. Bij een telling vanuit de lucht werden ruim 5.800 zeehonden op het wad geteld (grijze EN gewone). Dat zou betekenen dat 29.000 kg vis per dag op het menu staat!

Altijd lekker warm!
Een zeehond krijgt het niet gauw koud want hij heeft een 3-laags jas aan. Eerst heb je bovenvacht (grote haren), dan komt de ondervacht (donsachtige kleine haartjes) en daarna volgt een centimeters dikke speklaag. Zo wordt het warmteverlies beperkt. Mocht hij nou toch te warm krijgen, dan spreidt hij z’n vinnen. Daar zit geen spek en dus is de warmteoverdracht naar de omgeving groot.